Diagnose

De DSM-IV-TR is het Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders uit 2004. Het is een Amerikaans handboek waarin de diagnose en statistiek van psychische aandoeningen worden vermeld. Dit wordt in de meeste landen als standaard aangenomen. Over Anorexia Nervosa vermeldt de DSM-IV-TR het volgende:

DSM-IV-TR criteria voor anorexia nervosa

  1. Weigering het lichaamsgewicht te handhaven op of boven een voor de leeftijd en lengte minimaal normaal gewicht (bijvoorbeeld gewichtsverlies dat leidt tot het handhaven van het lichaamsgewicht op minder dan 85 procent van het te verwachten gewicht; of het in de periode van groei niet bereiken van het te verwachten gewicht, hetgeen leidt tot een lichaamgewicht van minder dan 85 procent van het te verwachten gewicht).
  2. Intense angst in gewicht toe te nemen of dik te worden, terwijl er juist sprake is van ondergewicht.
  3. Stoornis in de manier waarop iemand zijn of haar lichaamsgewicht of lichaamsvorm beleeft, onevenredig grote invloed van het lichaamsgewicht of lichaamsvorm op het oordeel over zichzelf of ontkenning van de ernst van het huidige lage lichaamsgewicht.
  4. Bij meisjes, na de menarche, amenorroe, dat wil zeggen de afwezigheid van ten minste drie achtereenvolgende cycli. (Een vrouw wordt geacht een amenorroe te hebben als de menstruatie alleen volgt na toediening van hormonen (bijvoorbeeld oestrogenen).

Deze vier criteria moeten allemaal aanwezig zijn voordat de diagnose Anorexia Nervosa kan worden gesteld. Anorexia komt ook bij mannen voor, dan moet er alleen aan criteria 1,2 en 3 worden voldaan.

De ernst van de Anorexia kan vastgesteld worden door verschillende onderzoeken en een gestructureerd interview. Ook kan zo onderzocht worden welke behandeling het beste aansluit op de behoeften van de patiënt.

Aanvullende onderzoeken die gedaan worden:

  • – Hartfrequentie en bloeddruk meten: bij chronische anorexia nervosa zijn beide verlaagd
  • – Lichaamstemperatuur meten: bij chronische anorexia nervosa is de lichaamstemperatuur verlaagd
  • – Bij ernstige ondervoeding wordt een ECG – hartfilpje – gemaakt
  • – Er wordt een DEXA scan gemaakt om de mate van botontkalking vast te stellen
  • – Door verschillende laboratioriumtest kunnen de hoogtes van bepaalde stoffen in het lichaam gemeten worden

In het interview wordt ingegaan op:

  • – Pychische toestand van de patiënt, bijvoorbeeld of deze wanen of hallucinaties waarneemt
  • – Wel of niet menstrueren bij vrouwen
  • – Seksuele gevoelens en gedrag
  • – Sociaal functioneren in de dagelijkse omgeving

Bron: DSM-IV-TR, Wikipedia (DSM-IV-TR), www.trimbos.nl